Berichtten wij vorige week nog over het evangelie van Louis, deze week verscheen er wederom een boek over de Nederlandse voetballerij. Niet een biografie over een speler of trainert, maar een boek over drie heren die gezichtsbepalend waren voor het Nederlandse voetbal in de jaren ’90. Michael, Jorien en Harry. De drie musketiers, luizen in de pels van menig provincieclubje, worden door Leo Verheul beschreven in De Voorzitter.
Noem ze gerust de Grote Drie. Michael als arrogante, maar altijd zeer correcte Amsterdammer. Jorien als keiharde Rotterdamse zakenman en Harry de goeie sul uit Eindhoven. Alledrie persoonlijkheden en voorzitter. Voor de jongeren: een voorzitter was iemand die leiding gaf aan een club, haar vertegenwoordigde, de club was. Met als eerbetoon een persiflage door Van Muiswinkel. Een persiflage van Jan Reker? Precies. Niemand die hem herkent, laat staan een persiflage. Zou Jorien zijn zoon bij RKC laten spelen? En Van Praag zou in de bres springen als een van zijn godenzonen werd uitgemaakt voor pannenkoek.
Thans zijn voorzitters directeuren zonder uitstraling. Type managers. Maar wat hebben we daaraan? Er is steeds minder spanning en vermaak. Om over het gebrek aan Europees succes maar te zwijgen. Wij missen de legendarische nieuwjaarscolleges van Jorien. Bij hen ging het over voetbalprestaties, nu slechts over geld en spelers die te jong vertrekken. Zou Gomes tegen Harry net zo brutaal hebben durven zijn? Harry zou hem over zijn bol hebben geaaid en gesommeerd snel weer tussen de palen te gaan staan. De topdrie wordt ingehaald door de provincie. Daarom is het goed dat Dirk aanblijft. Kan hij samen met Joop en Frans de nieuwe Grote Drie vormen.



Ik mis toch onze Riemer (& Annie) in deze opsomming. Over luis in de pels gesproken…
Koning Karel moeten we ook nooit vergeten, hoewel die niet alles volgens de regeltjes deed. Maar ooit, ja, ooit, was Vitesse een echte bedreiging voor de top.
Jan Smit van Heracles is ook nog wel zo’n ouwerwets type voorzitter, vind ik.
Natuurlijk zijn die 3 heel belangrijk geweest voor het Nederlandse vcetbal.
Daar kunnen we niet omheen.
Harry van Raaij van PSV was natuurlijk een hele slimme jongen maar kwam niet over.
Als je die moest beluisteren tijdens een interview viel je in slaap.
Toch zou een dergelijk type niet misstaan bij het huidige PSV.
Kwaliteit verloochent zich niet en ik had een hoge pet op van die man die nog geen mop kan vertellen….maar daar wordt hij ook niet voor betaald.
Pingback: DE VIJFDE COLONNE « VOETBLAH
Pingback: METEN MET TWEE STRAFMATEN |