Maandelijks archief: september 2011

TELEVISIE UIT, BOEK AAN

Ik heb het namelijk allemaal gemist gisteren, die potjes in de poulefase van de Europa League. Van Wolfswinkel gescoord? Twente wint van Polen? PSV wint van Roemenië en AZ deelt de punten met Oekraïne? Het zal allemaal wel; vanaf maart (als de Champions League-afvallers erbij komen) zal ik het wat intensiever gaan volgen.

Bovenstaande informatie verkreeg ik door een minuutje koppensnellen op VI.nl, maar langer bleef ik hangen bij de gebruikelijke boekenreclame op die site. Ditmaal niet gewijd aan hoogtepunten, goals of sterrendom, maar aan een tragische episode in het mondiale voetbal, de dood van de Duitse doelman Robert Enke. Het zag er daardoor wat wrang uit, zo’n schreeuwende aanprijzing van een boek met zo’n naar onderwerp.

Het boek werd geschreven door Ronald Reng, een bevriende doelman. Maar eigenlijk had Enke het zelf willen schrijven. Een boek over depressie van een voetballer, niet over de dood van een voetballer. Maar dat werd het toch en zowel de vrouw als de agent van Robert Enke hielpen mee met het vertolken van het verhaal van een man die zich gedwongen voelde om voor het oog van het publiek ‘de kalme, betrouwbare doelman’ te spelen, terwijl hij van binnen ‘werd achtervolgd door een ziekte’ die hij uiteindelijk niet bleek te kunnen beteugelen.

Ps. Bovenstaande quotes komen uit dit interview met de biograaf. Genoeg aanleiding om de komende avonden de verschillende leagues te laten voor wat ze zijn en het boek over de verborgen kant van de voetballerij tot je te nemen.

HET MANOLEV-EFFECT



Voor velen is er kennelijk geen aangenamer tijdverdrijf en groter leedvoetbalvermaak dan ‘Manolevje pesten’. In gang gezet door zijn grootste fan en hier al vaker besproken geinige gup Gijp. Die er zelf ziek van is. En dat vinden wij oprecht jammer. Dat René ziek is, bedoel ik. Want niet alleen gun je dat geen mens – ook wij missen hem en dan vooral zijn rake inzichten. Ook vandáár de openingsvideo. Het moeten missen van meesmuilend smalen is voor ons minder een hard gelag. En natuurlijk is Gijpie niet ziek geworden van Manolev, maar een oorzakelijk verband tussen zijn clowneske VI-rol en zijn ongemakken valt althans in mijn optiek niet uit te sluiten.

Het saillante gevolg van de alsmaar herhaalde Manolev Manoeuvres In The Dark is dat ‘verdachte’ zelf zich lijkt te wentelen in zijn slachtofferrol als een varkentje in de modder. Het lijkt hem nauwelijks te deren, sterker nog: volgens mij heeft hij, en dus PSV, er alleen maar baat bij. Waar je zou veronderstellen dat Manolevje zich gekleineerd zou voelen en zonder zelfvertrouwen door het voetballeven zou gaan, daar lijkt de Bulgaar volkomen immuun voor het geschmier. Nu is dat nog enigszins te verklaren door de taalbarrière, die vooral het bevatten van al dan niet geslaagde grappen begrenst. Maar de winst voor Manolev en PSV zit hoofdzakelijk tussen de oren van hun tegenstanders. Die lachen zich een breukie om malle Manolevje, denken een makkelijk partijtje te hebben, ontberen bij voorbaat de gewenste scherpte en concentratie.

“Die kom ik simpel voorbij, want kan toch niet verdedigen”. “Laat ‘m maar voorzetten, want die bal verdwijnt toch richting cornervlag of tribune”. En dus hoeft Stanislav z’n poot maar uit te steken en krijgt alle tijd en gelegenheid om afzwaaiers te produceren, waarvan er dan altijd wel eentje – of als het meezit, een paar – al dan niet per toeval op maat is. Onderschatting leidt niet zelden tot zelfoverschatting. En Manolev vaart er wel bij. Dankzij Gijpie, die waarschijnlijk zelf zal kunnen lachen om deze hypothese. Diens lijfblad VI publiceerde een tijdje terug de statistieken van de vermeende Manolev-malversaties bij PSV. Die gortdroge cijfers ondersteunen in elk geval de stelling dat het reuze meevalt met het Manolev-malheur. Daarbij is dit fenomeen niet nieuw. Het aantal spelers dat, niet gehinderd door intrinsieke kwaliteit, een toch parelend palmares heeft vergaard, is aanzienlijk. Natuurlijk op eigen karakter, maar niet in het minst door arrogantie en onderschatting van menige tegenstander. Die dan wellicht hartelijk lacht om Manolev-soortige moppen, maar die qua prestaties het lachen al lang is vergaan. Daar zou ik nou ziek van worden.

NIEUWE RUBRIEK!

AANKONDIGING! Vanaf volgende week starten wij met een nieuwe, hopelijk wekelijkse rubriek, getiteld Two Sides Of The Story. Centraal staan de duizenden verslagen die wekelijks worden geschreven over amateurwedstrijden in Nederland. Voetblah heeft daarbij speciaal oog voor de wedstrijden die door beide zijden van commentaar zijn voorzien. Wie verloor er ‘onterecht’, welk elftal was ‘de bovenliggende partij’ en wie had ‘eigenlijk moeten winnen’?

Spot jij op Voetbal Nederland of op twee clubwebsites volstrekt tegenstrijdige lezingen van hetzelfde schouwspel? Laat het ons dan weten via voetblah@gmail.com. Wellicht posten we jouw vondst dan wel direct op de site. Aan het eind van het seizoen verkiezen we de wedstrijd waarover de meningen het meest verschilden. Help ons zoeken!

ZOALS D’OUDEN ZONGEN, PIEPEN DE JONGEN

Afgelopen weekend was ik weer eens bij mijn oude kluppie aan het kijken. De dorpsderby werd gespeeld en daar wil je bij zijn. Het niveau was niet best, maar het vooruitzicht dat ik weer eens een aantal oudteamgenoten en bekenden kon spreken, klonk mij als muziek in de oren. Want het voetbal is bijzaak op zo’n dag. Je komt om weer eens die oude sfeer te proeven. Voor die gitzwarte, ingebrande koffie en de galm van Frans Bauer die door de kantine schalt. Vooral dat laatste juist.

Want bij dierbare herinneringen hoort bepaalde muziek. Wie denkt bij die ene zomerhit niet terug aan zijn eerste vakantieliefde, die eerste keer? Dit heb ik ook met Frans Bauer en De Slijpers. Onmiskenbaar verbonden aan mijn oude club. Maar wat schetste mijn verbazing?! In plaats van een cd, klonk het geluid van Leidsche Leen over het veld. Verbijstering maakte zich van mij meester. Dit geluid, en zeker de schunnige teksten, kende ik niet van mijn oude club. Een artiest die op het veld optreedt met het volume van een opstijgende straaljager evenmin. Het past niet bij de ziel, het karakter.

Bij Feyenoord klaagde de oudere supporters ooit eens over de keiharde house die De Kuip vulde voor de wedstrijd, Terecht! Bij een volksclub als Feyenoord, waar je met het hele gezin heen gaat, hoort Nederlandse muziek, misschien een beetje rock. Hetzelfde geldt voor Bloed, zweet en tranen in de ArenA. Ajax is geen volksclub en moet dus ook geen volkse muziek draaien. Clubs onderschatten de invloed die muziek heeft op de beleving van het clubgevoel. Bij de Graafschap denk je aan een ‘Doe eens Normaal man’-geluid en juist weer geen Frans Bauer. Maar ja, kennelijk is er een groep die behoefte heeft aan Leen of André. Die kun je op deze manier hun zin geven. Maar waarom stem je er mee in, wanneer je je publiek ook een heel ander geluid kunt bieden?

AFELLAY-AI AI AI!!

We schrijven 2001, De Herdgang. De A1 van PSV met onder anderen Huntelaar, Takak, Coutinho en Verhaegh, werkt onder de bezielende leiding van ‘Skietuh” Willy van der Kuijlen een middagtraining af. Langs het veld staat een klein, iel Marokkaans mannetje. Af en toe kijkt hij verlekkerd naar de training, dan weer is hij in de weer met de bal. Die bal is zijn beste vriend. Nooit wijkt hij van zijn zijde. Soms, tussen twee oefeningen door, keek ik naar hem. Hij was er altijd. Met zijn bal. Ibrahim Afellay was niet groter dan 1m60 en zat op dat moment in de B2 van PSV. Zijn talent was onmiskenbaar. Zijn karakter en lengte ook. Maar hij wist wat hij wilde. Slagen.

Daarna verloor ik hem uit het oog. Totdat ik, net zoals de rest van Nederland, Ibi in het eerste van PSV zag debuteren. Lange tijd heeft het er daar overigens niet naar uitgezien. Naar ik meen Ricardo Moniz zag de potentie van Afellay, destijds spelend in de A2 van PSV. Ging met hem aan de slag, maakte hem sterker en completer. De rest is geschiedenis. Door dat kleine mannetje in 2001 heb ik altijd een zwak voor Ibrahim gehouden. Het nieuws van zijn gescheurde linker kruisband deed me dan ook meer dan wanneer het een willekeurig andere speler was overkomen.

Ik vraag me af wat dit voor hem zal betekenen. Ook al is elk moment ongelukkig -juist dit moment, dit seizoen, had ik het idee dat Afellay definitief zou doorbreken. Een jaar lang getraind en gespeeld met de besten der aarde. Die ervaring en bagage zouden tezamen ongetwijfeld werken als katalysator, waardoor zijn talent dit seizoen tot volledige wasdom was gekomen. Hoe anders ziet zijn wereld er nu uit: 6 tot 8 maanden revalideren. Toekijken hoe anderen jouw plek innemen, in jouw seizoen excelleren. Er is maar een oplossing Ibi. Ga weer met je bal langs de kant staan. Kijk af en toe, maar niet te vaak. Stippel weer die weg uit naar succes. Raak weer in de vergetelheid en kom ineens weer terug. Harder, beter, sterker en grootser dan ooit. Je zult slagen.

DE EREDIVISIE MOCRO FLAVOR


Marokko
. Er zijn weinig landen op de wereld die ons volk zo bezig houden als deze Noord-Afrikaanse kustnatie. Veelal gaat het dan om degenen die hun roots hebben ten noorden van de Sahara, maar inmiddels zijn neergestreken in Helmond, Gouda, Amsterdam-West of Utrecht-Zuid. Wij houden ons echter even terzijde van Algemene Beschouwingen op deze materie en focussen ons op onze core business: de voetballerij. Want ook daar houden de Marokkaans-Nederlandse medelanders de gemoederen bezig.

Geheel in de tijdsgeest beginnen we negatief. Omdat de transferdeadline inmiddels niet alleen in Turkije en Rusland, maar ook in Saoedi-Arabië, Djibouti en Guadeloupe definitief gepasseerd is, bivakkeren de heren El Hamdaoui en Aissati minstens tot de winter in Amsterdam-Zuidoost. Al dan niet slecht behandeld door Linse of De Boer; al dan niet ingegeven door financiële redenen. Feit is dat deze bovenmatig getalenteerde voetballers bewust hebben gekozen voor het niet op niveau uitoefenen van hun passie. En dat vinden wij onbegrijpelijk.

Maar laten we positief eindigen. Er zijn er namelijk een hoop die het wél goed doen, of niet meneer Wilders? Neem Karim El Ahmadi, na een jaartje zakkenvullen in Al Ahli, weer helemaal terug. Niet alleen als heersend spelverdeler, sluw inpasser of kloek wegdraaier, maar zelfs als loopwonder in de 85e minuut. Hulde! Of Otman Bakkal die draaft, assisteert, scoort en excelleert zoals hij eigenlijk bij PSV ook al deed, voordat hij door Rutten op het tweede plan werd gezet. Effectiever dan net-niet voetballer Wijnaldum en op korte termijn misschien wel nuttiger voor Feyenoord dan Fer.  Laten we verder gaan met wat namedropping om te illustreren dat de Marokkaanse Meerwaarde voor de Eredivisie evident is: Oussama Assaidi (wat een speler!), Adil Auassar (drijvende kracht), El Akchaoui (gewoon prima) en Soufian El Hassnaoui (let op hem!). Tot slot van deze goednieuwsshow een bericht uit Zweden: ex-probleemkind Rachid Bouaouzan scoort en wordt kampioen met Helsingborgs. De Mocro Flavor als Hollands exportproduct. Het moet niet gekker worden met die integratie!