Tagarchief: martin jol

DE ANDERE, AARDSE WESLEY

In veel landen hebben voetballers een bijna buitenaardse status. Op handen gedragen en de hemel in geprezen door kritiekloze meelopers, is het niet zo vreemd dat je gaat zweven. Je vraagt je af of ze menselijke trekjes hebben. Zelfreflectie is zeldzaam. Natuurlijk kijkt Cristinaldo weleens met een kritisch oog in de spiegel naar zichzelf. Maar dan voornamelijk om te kijken of zijn haar nog wel matcht met zijn nieuwste oorbellen. Gelukkig zijn er toch nog voetballers die, zonder te zweven, laten zien dat ze wel van deze planeet komen.

Van die types die, ondanks dat ze in de macho-wereld van het mondiale voetbal verkeren, zichzelf durven te zijn en zich kwetsbaar opstellen. Zo is het verhaal van de Non-Flying Dutchman natuurlijk aandoenlijk. Een topvoetballer, die heel Europa doorreist met trein, auto en boot. Niet echt praktisch, maar logisch als je niet sterk bent in de lucht. Wesley Verhoek valt nu ook in deze categorie. Als klein jongetje droomde hij wellicht van spelen bij Barcelona of Manchester United. Als dan het Engels avontuur lonkt, voel je echter heimwee en besluit je het toch niet te doen.

Want zoals Harry Klorkestein al zong: Je zou met niemand willen ruilen! Dat vriend Lex straks naar Rotterdam gaat en met hem nog vele anderen de Hofstad gaan verlaten, doet je niets. Aardse Wesley is namelijk wel aan ADO gebonden, zonder dat het in inkt op zijn lichaam staat geschreven. Tegelijkertijd denk ik ook meteen aan Kevin Hofland of Santiago Cañizares. Want het is een verhaal dat een zekere achterdocht wekt. Maar als Voetblah doen wij niet aan hijgerige transfergeruchten. Verhoek hoeft zich dan ook niet te schamen, want naast talloze Italianen was er al eerder een Haagse Scheveninger die niet kon zonder De Schilderswijk, Lange Poten en het Plein.

AJAX? SUBTOPPER!

Blind, Ten Cate, Van Basten, Jol en De Boer delen de twijfelachtige eer een bijdrage te hebben geleverd, of nog steeds te leveren, aan de langste titeldroge periode van Ajax sinds het ontstaan van de Eredivisie in 1957. Reeds zes jaar lang is het de Amsterdammers niet gelukt zich te kronen tot landskampioen. En het eind van deze reeks is nog niet zomaar in zicht. Jaar zeven is zelfs in de maak. Daar gaat Frankie niets aan veranderen. Jammer, maar helaas. Sleutelwoorden in deze absolute drooglegging: arrogantie en opportunisme!

Arrogantie van het bestuur, omdat zij in Louis van Gaal, de man die wel een gestructureerd plan had, geen meerwaarde zagen voor de toekomst. Wederom arrogantie van het bestuur, omdat ze nooit op eigen initiatief de hulp van ervaren clubmannen zouden inroepen. Arrogantie van clubmannen, omdat zij pas in beweging komen als er een idiote wervingsactie vanuit een column aan vooraf moet gaan. Arrogantie, omdat men nog steeds denkt over het voetbalopleidingsinstituut van de wereld te beschikken, terwijl Ajax al in Nederland links en rechts wordt ingehaald.

Opportunisme, omdat ze toentertijd de voorkeur gaven aan Koeman in plaats van een doordachte speel-, denk- en werkwijze. Opportunisme vanwege het dramatische, en uitentreuren besproken, aankoopbeleid. Opportunisme dus, omdat Ajax zichzelf geen tijd gunt. Opportunisme, omdat een aanvankelijke tussenpaus, Frankie de B., na drie aardige wedstrijden een contract voor vier (!) jaar krijgt voorgeschoteld.

Conclusie: qua resultaten, beleid en realiteitszin is Ajax niets meer dan een doodnormale subtopper!

Ps. Zojuist, tijdens dit schrijven, heeft Ajax de halve finale van de KNVB Beker bereikt. Cupfighting… ook typisch iets voor subtoppers.

 

TE KOOP: EEN EERLIJK COMPETITIEVERLOOP

In het besef waartoe de shitbekentenis van Gary Lineker zoal kan leiden (wat dacht u van al die zaadpartijen!), laten we, met permissie, dit gefundenes Fressen voor het hele scala ‘scabreuze’ scribenten  lekker liggen. Mazuro neemt de honneurs waar voor de afwezige Allard.

De vaderlandse competitie zal worden beslist op de transferrommelmarkt en in de ziekenboeg. En misschien wel op de strafbank. Want ik vermoed dat bijvoorbeeld een Ajax per saldo beter af zal zijn met de lange schorsing van Het Konijntje. Zeker nu Jol per direct de boer op is. Meer cruciaal zal zijn hoe (lang) de blessure van de momenteel beste competitiespeler Ruiz uitpakt. En bovenal of Balász Dzsudzsák en Theo Janssen na de winterstop onze divisie  nog met hun uitzonderlijke kunsten zullen eren.

Dat PSV de onmiskenbare talenten van Afellay zal moeten ontberen, hoeft geen ramp te zijn. Sterker nog: het zou de bewegingsvrijheid en spelkwaliteit van pak’mbeet Hutchinson, Toivonen en Lens weleens ten goede kunnen komen. Nee, veel meer moet PSV een vroegtijdig vertrek vrezen van de Hongaarse Joop Klepzeiker. De zojuist in zijn vaderland tot voetballer van het jaar verkozen Dzsudzsák is by far de effectiefste speler van de Lichtstedelingen én van de eredivisie. Negen goals, negen assists meneertje! Onbegrijpelijk dat, voorzover bekend, nog maar zo weinig clubs azen op deze voortrefzettelijke voetballer.

De kansen dat Janssen op het kampioensbal van Twente zal dansen, zijn louter theoretisch. Hoewel.. Mocht Twente onverwacht toch de titel in de wacht slepen, dan zal Theo ongetwijfeld in levende lijve de nodige blikken bier aanslepen. Maar eerst zal mental Theo in het glazen huis van ‘poenclub zonder ballen’ VFL Wolfsburg, aan de zielige zijde van tegenpool en pseudovedette Diego, regelmatig hevig hunkeren naar het Arnhemse Broek en de sociale Munsterman-commune in Enschede. Teveel glas is nooit goed geweest voor Theo. Hoe dan ook, de titelrace zal geen afspiegeling zijn van de krachtsverhoudingen, maar veeleer een weerkaatsing van competitievervalsende variabelen.

AJAX: UIT DE HOOGTE EN AFSTANDELIJK

Deze week werd het failliet van Ajax pijnlijk duidelijk. Gedeeltelijk in de ArenA, gedeeltelijk op De Toekomst. Zaterdag was het rustig op de plek waar de club talenten hoopt op te leiden. Enkele jeugdteams en de amateurs speelden er hun wedstrijd. Zo ook het derde amateurteam, een elftal met spelers die vooral zichzelf geweldig vinden en waarvan de overgrootvader ooit belangrijk is geweest voor Ajax. Bekijk een wedstrijd van dit team en je weet waar het fout zit in 020.

Dat het derde elftal een trainer in pak heeft, is lachwekkend, maar verwacht je bij deze club. Het gedrag van de spelers was echter triest en stuitend. A.F.C. Ajax staat voor arrogantie en flair. Dat mag je uitstralen ook, maar alleen als het terecht is. Denigrerende opmerkingen maken en tegenstanders voor lul zetten, horen daar niet bij. Het maakt wel duidelijk waar het fout zit. Men verkeert nog steeds in de veronderstelling de beste te zijn van de hele wereld. Met die arrogantie blijf je Blind voor de werkelijkheid waarin Ajax, ooit een sportief voorbeeld, is verworden tot de club van een trainer die niet communiceert met een echte clubman, een bijtende spits en een liedjeszingende Vertonghen.

Die avond speelde Ajax gelijk tegen PSV. Meest opvallende actie vond plaats aan het einde van de wedstrijd. Fenomenale actie van Suárez, volgens de verslaggever en co. Het definitieve failliet van Ajax, zegt de kenner. De spits die op linksbackpositie een bal moet veroveren en vervolgens vanaf 60 meter op doel schiet. Pure wanhoop. De club die tot vervelends toe combineerde, is een verzameling individualisten geworden die alleen nog maar van afstand schiet. Gisteravond bevestigd door Jan Vertonghen. Een schot op doel over de zijlijn. Het wordt tijd dat Martin(?) en Danny de combinatie nieuw leven inblazen!

ZO KAN HET NIET LANGER!


Normaliter zijn wij niet zo van de statistieken, maar in het geval van Miralem Sulejmani zijn we toch wel benieuwd. Hoe laag zal het  percentage succesvolle balcontacten zijn? Hoe vaak raakt hij überhaupt de bal aan en hoe zelden verovert hij er eentje op de tegenstander?  Dat zijn rendement qua voorzetten en doelpunten praktisch nihil is, lijkt evident, maar  die andere staatjes zouden we graag inzien om ons punt te illustreren.

Ajax speelt met Sulejmani in de ploeg permanent met een mannetje minder. Nee, eigenlijk is dat nog te zwak uitgedrukt. Als Sulejmani speelt, gaat er gaat er bij de Amsterdammers eentje af en komt er bij de tegenstander eentje bij.  Sulejmani bepaalt voor een groot deel het spel van Ajax. Eyoung Enoh en Demy de Zeeuw moeten achter hem puinruimen en halen daarom kaart na kaart. Stekelenburg valt zo enorm op, omdat hij simpelweg veel meer te doen krijgt dan andere keepers.

Ajax 1 speelt week in, week uit met een linksbuiten die een totaal gebrek aan zelfvertrouwen, rendement en tactisch inzicht aan de dag legt. Waarom doet een trainer dat? Waarom grijpt de voorzitter niet in? Waarom zegt de aanvoerder niet waar het op staat? Waarom zijn de supporters zo lief voor hem? Waarom schrijft Cruijff geen vlammende column over deze beschamende vertoning?

Citeer ons maar Johan: ‘Zo kan het niet langer!’

Ps. Gisteren had Sulejmani zowaar een officiële assist op zijn naam, dankzij het nemen van een corner. Dat hij de standaardsituaties mag nemen, kan worden beschouwd  als een mooie daad van liefdadigheid van trainer Jol.

Ps2. Voor PSV (040) – Feyenoord (010) 10-0 verwijzen wij u graag naar Door de Benen.

HET GELIJK VAN CRUIJFF


Onze nationale filosoof sierde gisteren zowaar de voorpagina van Het Parool. En comme il faut uiteraard niet met een ‘goed nieuws’-gesprek, maar met een vernietigend oordeel. Over het niveau van zowel het spel als van de technische en bestuurlijke beleidsbepalers van de club waar hij zijn grootste triomfen vierde. Wat tegenwoordig eveneens well done blijkt, is het afdoen van onze wereldbekendste landgenoot met laatdunkerij en meewarigheid. Voetblah weigert uit diep respect daaraan mee te doen, maar start wel een polemiek over Het Oordeel van Het Orakel.

Volgens mij, Mazuro, heeft Johan I het grootste gelijk van de wereld. Met als schrijnend bewijs en uiterst gênant dieptepunt het ‘duel’ in Madrid. De resultaten die Ajax de laatste tijd wel heeft behaald, zijn ofwel met een flinke dosis geluk, cruciale reddingen van Stekelenburg, of gemaskeerd door bevliegingen van Suárez en Mounir, totstandgekomen. Zelden betrap je de huidige godenzonen op gesmeerd positiespel, vloeiende combinaties of goddelijke spelpatronen. De enige(!) die een individuele actie in huis heeft, is Luis en dan ook nog eens meer gebaseerd op kluts en gutz dan op raffinement. En de tijd dat de ‘Amsterdammers’ vleugels kregen, ligt reeds ver achter ons.

Cruijff-criticasters zullen wijzen op de volledig Ajax-gebasisschoolde verdediging. Afgezien van het feit dat de opbouwkwaliteit, behoudens een verdienstelijke lange bal van het Belgische centrum, te wensen overlaat, zal Johan dit nu juist zien als koren op zijn molen. Niet het middenveld en/of de aanval worden gevormd(!) door zelfopgeleiden, maar uitgerekend het defensieve compartiment. Uit betrouwbare bron is vernomen dat Johans wrevel over de beleidsbepalers op z’n minst begrijpelijk is. En Jol acteert slecht(s) een Soprano. Wie zo openlijk zijn team wegzet als ‘jongetjes’, voelt zichzelf kennelijk een hele kerel. Evenwel parasiteert Martin Jol geheel ten onrechte op zijn onaangedane uiterlijk.