Tagarchief: Arjen Robben

KOEN VERWEIJ IS DE ROB RENSENBRINK VAN SOTSJI

cardosoKoenVerweijAls alle dominantie in het mondiale schaatsen dezer dagen in Sotsji iets laat zien, is het dat we er niet zo goed in zijn, dat de beste zijn. In plaats van dat we in Nederland na iedere clean sweep weer een beetje meer in een Oranje euforie verkeren, vragen we ons vertwijfeld af of ‘onze’ sport nog wel Olympisch genoeg is. Dat de Noren en Russen de tien kilometer uit arren moede deze week links laten liggen, maakt onze trots er ook niet heel veel groter op. Wellicht moeten we over een tijdje constateren dat de centimeters die Koen Verweij op de 1500 meter tekort kwam op Zbigniew Bródka wel een blessing in disguise waren.

Tweede worden mag dan voor een sporter vrijwel altijd een traumatische ervaring zijn, voor de geschiedschrijving vormt het een uiterst dankbaar onderwerp. Of het nu het ‘zijn we er toch ingetuind’ van Herman Kuiphof in München, de bal op de paal van Rob Rensenbrink in de hel van Buenos Aires, of het ‘als, als’ van Arjen Robben oog in oog met Iker Casillas in 2010 was, we hebben onze nationale trauma’s met liefde omarmd en waren zelfs niet te beroerd om de Oranjes na de tweede plek in Johannesburg alsnog een huldiging te gunnen.

RobRensenbrinkHet is ook makkelijker om je nationale trauma’s in de armen te sluiten wanneer je als voetbalnatie inmiddels op het tweede plan bent beland. Het relativeert. We mogen lekker zeuren over corruptie bij de UEFA en de FIFA, de oliesjeiks uit Rusland en de Emiraten die we, op Hollywood aan de Rijn na natuurlijk, keurig buiten de deur houden. Het is lekker veilig, dat zwelgen in zelfmedelijden en af en toe een spaarzaam succesje bejubelen. Het is ook daarom dat Sven Kramer inmiddels door zijn alomtegenwoordige dominantie eerder irritatie oproept dan bewondering voor zijn unieke prestaties. Terwijl de gouden medaille(s) van Kramer in Sotsji straks ter kennisgeving zullen worden aangenomen, is het het zilver van Verweij waar we het jaren later nog over zullen hebben. Hij koopt er helemaal niets voor, maar Koen Verweij is de Rob Rensenbrink van Sotsji.

VOETBALLERS IN DE SNEEUW

catalaanWintersport en voetbal. Het is een moeilijke combinatie. Je kunt zeggen dat beide sporten worden gekenmerkt door een relatief hoog risico op blessures. Qua gelijkenissen heb je het dan wel gehad. Voor een betaald voetballer is wintersport daarmee vanzelfsprekend een haast ongeoorloofde hobby. Veel te gevaarlijk. Ruud van Nistelrooij in een sleepjeslift. Je moet er niet aan denken. Geen knieband had het overleefd. Of neem Arjen Robben. RobbenDie man bekomt spontane botversplintering bij het idee alleen al. Misschien dat Transavia voor Arjen wel een gipsvluchtje heen wil organiseren.

Maar ook de gewone voetbalstervelingen hebben doorsnee een slechte relatie met het snowboard of de lange latten. Tennissers, hockeyers en golfers spoeden zich vanaf december met bosjes naar wintersportoorden om er wat centen te verdienen als skileraar. Voetballers gaan hooguit een keer in hun leven naar Snowworld of een andere indoorbaan, om tot de conclusie te komen dat het allemaal veel te veel moeite kost. Rare schoenen, polyester broeken in plaats van een lekker katoenen trainingsbroekie; sjaals, mutsen, handschoenen. Een sport waar je te lang over na moet denken voordat je ‘m kunt beoefenen. Misschien zit daar de crux.

Arnold ScholtenToch zijn er ook (oud)voetballers van wie ik verwacht dat ze gracieus van een berg kunnen glijden. Robbie Witschge en Arnold Scholten – wat een goed skihoofd heeft ie! – lijken me, met terugwerkende kracht, perfect geschikt voor de reuzenslalom. Ik wed dat Alexander Büttner stiekem geboren is voor de half-pipe. Graziano Pellè staat vast zijn mannetje in het Scandinavische langlaufgeweld. Slope-style is Wesley Sneijder op het lijf geschreven. Jasper Cillissen heeft onmiskenbaar de potentie om de Nederlandse Janne Ahonen te worden en ploeggenoot Ahonen+Janne291113Viktor kan misschien beter helemaal overspringen naar de piste, nu zijn naam reeds op de latten staat. En als dat toch allemaal geen succes blijkt, hebben we altijd Evander nog…

Arjen durft ons niet aan te kijken vanaf  fr-online.de
Arnold vonden we op anp-archief.nl

LOUIS VAN GAAL ALS CHEF DE MISSION

publieksspelerDinsdag maakte AZ bekend dat het Teun de Nooijer gaat toevoegen aan de begeleiding. Na een honkballer bij Ajax neemt nu in Alkmaar een hockeyer het stickje over van Hans Vonk. Na Toon Gerbrands en John van Lottum dus weer een niet-voetballer op kantoor in het AFAS Stadion. Vorige week las ik in VI dat er in de talentenfabriek van Ajax bijkans meer niet-voetballers rondlopen dan mensen die wel tegen een bal kunnen trappen. Onder anderen polsstokhoogspringer Christian Tamminga is aangetrokken om de lat nog wat hoger te leggen. Niets mis mee. Het is juist goed dat het voetbal kennis vanuit andere sporten ophaalt. Wij stelden niet voor niets voor om Marc Lammers bondscoach te maken.

Maar andersom zien we het eigenlijk nooit. Tuurlijk sprong  Silvio Dilliberto als kicker over naar de Amerikaanse voetbalvorm, maar dat was in actieve dienst. Kennelijk is er in andere sporten geen behoefte aan de specifieke kennis van voetballers. Wat de vraag opwerpt of die er wel is. Vermoedelijk niet en dat is niet zo vreemd. Topvoetballers kunnen en hoeven er tijdens hun actieve carrière namelijk geen baan of studie bij te doen. Ze weten dat ze financieel onafhankelijk gaan worden, maar voor veel andere Nederlandse sporters geldt dit niet. In de jeugd van menige BVO hebben spelers al een beter salaris dan een topper in de Nederlandse volleybalcompetitie ooit zal halen.

Dus enerzijds ontbreekt het simpelweg aan de kennis en anderzijds is er de noodzaak niet. Maar toch zou het mooi zijn. Met Arjen Robben als trainer van de Nederlandse schoonspringers maken we geheid kans op een medaille in Rio. En Nigel de Jong zou zelfs Badr Hari nog een lesje kunnen leren. Of wat te denken van Louis van Gaal? Niet als coach, maar als chef de mission natuurlijk. Want Louis heeft overal verstand van. Helaas zullen we het nooit meemaken. Niet per se omdat voetballers er te dom voor zijn. Nee, ze hoeven na hun carrière gewoon niet meer.

– Op stanyfalcone.com vonden we Jonathan De Falco die dus na zijn carrière bij RC Mechelen als Stany Falcone overstapte naar een heel andere tak van sport.

LOUIS VAN GAAL WIL NIET NAAR KIEV EN NORWICH

cardoso

Louis van Gaal wilde het nog één keer meemaken. Met een absoluut topland naar een WK-eindronde. Alles had hij al meegemaakt. De Champions League winnen, de beste zijn von Deutschland, verguisd worden in Barcelona. Alles had hij gezien, behalve een groot eindtoernooi. Hij had z’n wensen dan ook niet onder stoelen of banken gestoken. Argentinië, Brazilië, Duitsland als het moest, maar een topland zou hij krijgen. Het werd Nederland.

Louis van GaalNederland dat na de gouden generatie van 2010 het echec van 2012 kende. Nederland waar voormalige vedetten op hun laatste adem lopen en waar jonge talenten maar mondjesmaat aan de poort rammelen. Nog één keer wil hij aan de wereld laten zien dat hij de beste is: van Argentinië, van Brazilië, van Duitsland en van Spanje. Maar de realiteit zit Louis een beetje in de weg. Dat hij niet dagelijks met zijn spelers op het veld kan staan is vervelend, maar soit. Nee, dat hij in de tussenliggende periode naar Norwich, Swansea en Kiev moet om zijn spelers aan het werk te zien, dát doet een beetje pijn.

Hoeveel kan er worden verwacht van een generatie voetballers die, op een enkeling als Arjen Robben en Robin van Persie na, geenszins meer tot de mondiale top gerekend mag worden? Louis van Gaal weet dat en toch zal de druk in de aanloop naar Brazilië weer onmetelijk hoog worden opgeschroefd. Het is een druk waar Van Gaal zich allang niet meer door van de wijs zal laten brengen. Bovendien, na het WK is hij toch vertrokken. Maar het zijn die interlandloze weken, waarin Louis van Gaal geacht wordt af en toe zijn voetballers een beetje in de gaten te houden, die hem dwars zitten. Afreizen naar Norwich, Swansea en Kiev, dat is natuurlijk niet waarvoor Louis is aangenomen.

En dan begrijpt u nu ook waar de naam van Andries Jonker opeens vandaan is gekomen.

ARJEN ROBBEN FANTASTISCHE AANVOERDER

publieksspelerHet einde van het seizoen is hét moment voor de toernooitjes en wedstrijden waar het alleen nog maar gaat om de lol. In de jeugd waren dat voor verdedigers zoals ik de leukste wedstrijden. Ze gingen namelijk nergens over, dus speelden we dan altijd in de welbekende feest- of fantasieopstelling. Dus stond ik opeens op 9, naast onze keeper. Die laatste nam ook alle vrije trappen en pingels in de hoop er toch nog één te maken. Aangezien onze gehele achterhoede uit aanvallers bestond, kregen we er behoorlijk wat tegen. Aanvallers willen namelijk niet verdedigen. Maar nog belangrijker, ze kunnen het ook niet.

De wedstrijden die het Nederlands Elftal nu in Azië afwerkt, vallen eigenlijk ook in deze categorie. Want basisplekken voor spelers die bij hun club reserve zijn en tegenstanders als Indonesië en China, geven aan dat we het niet al te serieus moeten nemen. De doelstelling is het behalen van commercieel succes. Ruud Gullit gaf onlangs bij Studio Voetbal ook eerlijk toe geen idee te hebben waarom hij mee moest. Louis van Gaal begon tijdens een persconferentie uit het niets over succesvol zaken doen in Indonesië.

Vroeger wilde je in zo’n feestopstelling nooit aanvoerder zijn. Het was namelijk de ultieme blijk van medeleven. Vaak was dan een mindere god aanvoerder, een speler die eigenlijk altijd wissel stond wanneer het echt ergens om ging. Maar meestal droeg de captain in dit soort wedstrijden de rest van zijn leven nooit meer die band. Geen leiderstype. Hij kreeg hem voor de bewezen diensten, maar je wist ook dat het kwam omdat het een feestopstelling was. Toen ik vrijdag de basis van Oranje zag, moest ik heel even denken aan de feestopstelling. Toen ik zag dat Arjen Robben aanvoerder was, wist ik het zeker: dit is een fantasieopstelling.

– de feestelijke Arjen en Louis komen van Telegraaf.nl

RAFAEL VAN DER VAART LOOPT NIET GRAAG WARM

De sportzomer was nog niet officieel ten einde of we mochten de ouverture van het Nederlandse voetbalseizoen alweer verwelkomen. Met voornamelijk goede moed – van oprechte zin zal de (neutrale) liefhebber vast nog niet spreken – zette de voetbalminnende Nederlander zich om 19.00 uur weer voor de buis. Ongeveer 1.8 miljoen stuks. Dat betekent dat er een slordige 800 duizend kijkers minder waren dan tijdens een ‘goed’ bekeken Studio Sport Eredivisie. Dat zegt, buiten de rode vlekken die Rupert Murdoch ervan in zijn nek heeft gekregen, dat er gisteren tenminste nog 800 duizend mensen een juiste keuze hebben gemaakt. PSV verliest, Twente wint, Ajax speelt gelijk en A.F.Th. van der Heijden besluit (nog) een dagje binnen te blijven. Het is geen nieuws… we lopen er niet voor warm.

Over warmlopen gesproken. Dat is dus een ontzettend specialistisch vak. Daar kun je goed in zijn, maar je hebt er ook spelers bij die dramatisch presteren tijdens de warming-up. Dan heb ik het nog niet eens over het pure fysiologische aspect van warmlopen, zoals het doen van de juiste oefeningen en met een correcte mate van inspanning. Nee, dit is een puur psychisch ding en het kan iedere voetballer, van de zesde reserveklasse tot aan Oranje, treffen. Neem Dirk Kuyt, dat is een uitstekende warming-upper; hij kan alleen voor geen meter voetballen. Maar ook Arjen Robben zou hoge ogen gooien op een WK warmlopen. Het euvel valt dus niet te duiden door de graadmeter technische begaafdheid. Hoe dan wel?

Volgens mij bestaat er slechts één reden waarom er profvoetballers zijn die nog geen stuiver zouden verdienen wanneer ze betaald zouden worden naar hun warming-up performance: ze hebben er gewoon geen zin an. Ze zien het nut er niet van in. Deze mannen zijn dan ook maar wat blij dat een aantal jaren terug het op één lijn van de ene naar de andere zijlijn rennen door de meeste trainers is afgeschaft. Nu kunnen ze zich tijdens het rondtikken en lange ballen geven een beetje drukken; een sprint trekken van tien meter waar ze er vroeger drie van vijftig moesten maken. Bij deze dan ook een speciale vermelding voor het type Van der Vaart: een meester in het doen alsof ie zich volledig geeft tijdens het warmlopen. Maar wat maakt het ook uit. In het afjagen van de tegenstander komt ie tenslotte ook altijd net te laat… Daar gaat een intensievere warming-up echt niets aan veranderen.

-Het bruggetje bouwden we in samenwerking met www.katwijkstraat.blogspot.nl

LAHMaar KOMÛH… TOCH?!


Afgelopen week begon het dan eindelijk. De Radio 1-luisteraar keek er al geruime tijd reikhalzend naar uit: De Radio 1 Sportzomer, 8 juni t/m 12 augustus elke dag van tien uur in de ochtend tot elf in de avond. “Het nieuws van alle kanten” maakt even plaats voor sportconstanten. En dat is heerlijk. Je zou er spontaan een kilometertje of 2500 naar Charkov voor in de auto gaan zitten. Even weg van het gehijg. Geen boulevardkranten of commerciële voetbalexploitanten, maar voornamelijk eerlijke journalistiekfabrikanten.

Op één of andere manier werkt het arsenaal van presentatoren en commentatoren op de radio een stuk minder op de zenuwen dan dezelfde heren doen op televisie. Tom van ’t Hek moet ook gewoon, vanuit betrekkelijke anonimiteit, vragen stellen in plaats van ze voor een camera beantwoorden. Jack verslaat, weliswaar lekker smeuïg (en daar is Jack in meerdere opzichten niet vies van) wat ie ziet, zonder daarvoor een panel mensen met niet verrassende meningen voor te hoeven raadplegen. Jurgen van den Berg heeft best een fijne stem en zelfs bij Tijs van den Brink heb ik nu geen last van de gewoonlijke zapreflex.

Gisteren mocht Jan Mulder iets na half zes zijn visie op de wedstrijd tegen Joachim’s Löwen geven. Belangrijkste man volgens Jan: Philipp Lahm. Mulder gaf toe dat Philipp op het eerste gezicht beschikt over het charisma van een afdruiprekje, maar vindt hem in werkelijkheid een intrigantje en een killer met babyface. Dank je wel Jan! Je sprak uitstekende teksten. We zagen het met z’n allen even helemaal niet meer zitten, maar nu we weten dat Lahm de man is voor wie we moeten uitkijken, kunnen we weer fier met de neus in de wind lopen. Lahmaar komuh… Ja tóch Arjen?!

– De Radio 1-banner komt, zoals het hoort, van www.radio1.nl