Tagarchief: Robert Maaskant

HET GEMASKERDE VOETBAL

WEEKEND-mazuroDat het authentieke voetbal meer en meer achter een masker verscholen gaat, is  is niet alleen voor de Against Modern Football-beweging duidelijk zichtbaar. De ontmaskering van de Spaanse Furie even daargelaten. Een jaar geleden lichtte ik al een tip van de sluier op en sindsdien heeft de gezichtsbescherming in structurele zin velerlei vormen aangenomen. Er gaat geen wedstrijd meer voorbij of er schiet wel een gemaskerde strijder door het beeld en niemand lijkt er meer van op te kijken. Vooral het neusmasker is uiterst populair en het is slechts een kwestie van tijd dat de gevarieerdheid in kleur en vorm ervan die van het schoeisel gaat overtreffen. Dat de neus bij uitsteek het lichaamsdeel is dat in Gemaskerde Mbokani 1187025265bescherming wordt genomen, wekt geen bevreemding. Een voetbalcarrière zonder bloedneus is al net zo onwaarschijnlijk als een overdekt winkelcentrum zonder scootmobiel.

Er zal zeker en vast een legitieme reden zijn voor de opmars van de maskerade. Zoals dat ook zal gelden voor de populariteit van de scootmobiel. Het betere ellebogenwerk, het hogere tempo, de toegenomen fysieke inzet. (Let wel, niet de hardheid, want die was vroeger veel erger, in elk geval doelbewuster). En handicaps worden eerder ontdekt en behandeld met alle hulpmiddelen van dien. Laat dat maar over aan de marktwerking. Zorg er dan nog voor dat het wordt vergoed en de hype is geboren. Dus schaf je een scootmobiel aan als gemotoriseerd bagagerek voor je obesitas en draag je een neusmasker om je tegenstander te intimideren omdat je kennelijk de voetballende middelen daarvoor ontbeert. Fernando Torres had zo zijn eigen insteek. El Niño raakte geen pepernoot meer en worst of all: hij had geen neusje meer voor de goal. Toen kwam Fernando op het lumineuze idee om dat vermaledijde gokje achter een masker te verbergen. En ziet, hij hervond zijn scherpte en het net!


Kan de neus niet meer tegen een stootje of is dat edele deel van het gezicht juist veel meer het doelwit geworden van niets en niemand ontziende slagers op voetbalschoenen? Wie afgelopen dinsdag Sergio Ramos tekeer zag gaan tegen Robert Lewandowski zal geneigd zijn dat laatste te beamen. Zo bezien is het volstrekt logisch dat men zich alleen al uit preventie tegen dit gespuis beschermt. Maar waarom de zaak niet omgedraaid? Laat niet alleen potentiële slachtoffers, maar eerst en vooral notoire daders zich tegen zichzelf en anderen beschermen! Muilkorf de Suárez-jes, maar ook de Maaskantjes. Stel, naast  de scheenbeschermers, ook elleboog-, hand- en hoofdbescherming verplicht. De koket gecoiffeerde heertjes zullen aanvankelijk ongetwijfeld tegensputteren, maar er al snel hun eigen modieuze draai aan geven.

Er zit echter wel een addertje onder het kunstgras: door de snoodaard is een kogeltje snel verstopt in al die maskeer- en beschermingsattributen. Maar geen nood, hebben we eindelijk zinvol werk gevonden voor dat legertje officials dat thans het veld omzoomt. De ouderwetse noppencontrole is allang overbodig, want de kinky kicksen van tegenwoordig hebben meer weg van een muiltje dan van een voetbalschoen. Het is niet voor niks dat men in het moderne voetbal meer beducht moet zijn voor de tik dan voor de kick. Of banger moet zijn voor de hap dan voor de trap. We zullen dan ook de dans van het gemaskerde voetbal niet ontspringen.

– De angstaanjagende Mbokani komt van http://www.sporza.be

Advertenties

LAFHEID EN AMATEURISME VS. SERDAR DE HELD

pagano
Vandaag zitten de laffe KNVB en de amateuristische BVO’s om de tafel in het kader van wederzijds respect. Ter reflectie en inspiratie daarom een resumé van het incident rond scheidsrechter en held Serdar Gözübüyük. Hij sprak zich dit weekend op persoonlijke titel uit voor respect.

1) De KNVB is een laffe bureaucratie
Door nadrukkelijk afstand te nemen van de actie van Gözübüyük laat de KNVB zich van haar slechtste kant zien. Een getalenteerd uithangbord dat op persoonlijke titel gaat staan voor de omgangsvormen in z’n sport, moet – zeker in deze weken – onvoorwaardelijk worden gesteund. Dat dit gedrag niet helemaal past in de formele werkelijkheid van Van Oostveen en Van Egmond, moeten ze voor lief nemen. Gözübüyüks terechtwijzing voedt de perceptie dat de KNVB tegen z’n moedige actie is. Een gotspe. Zo wordt een dapper gezicht van een nieuwe generatie onderworpen aan een institutionele werkelijkheid van imago, orde, actieplannen en commissies. Onder de vlag van die schijnwereld – gedwee uitgevoerd door laffe functionarissen – is de cultuur op ons geliefde voetbalveld zo verziekt geraakt de afgelopen 20 jaar. De KNVB laat met het terechtwijzen van Gözübüyük niet alleen z’n grootste talent in de kou staan. Zij verzaakt in deze belangrijke weken ook (weer) genadeloos in de rol als hoeder van de voetbalsport.

2) Robert Maaskant is een amateur
Wie de afgelopen 10 jaar een managementboek open geslagen heeft, leest herkennend mee met open deuren als ‘persoonlijke effectiviteit wordt geblokkeerd door emoties’‘focus je niet op het resultaat, maar op het proces’ en ‘richt je op de zaken waar je invloed op hebt, al het andere zorgt voor ruis’. Wie Maaskants scheldkannonade beschouwt, moet concluderen dat hij bij z’n bijscholing als eindverantwoordelijke en professional heeft gespijbeld. Wie zich laat leiden door emoties (niet effectief) bij iets waar hij geen invloed op heeft (scheidsrechterlijke beslissingen) en zo z’n eigen invloedssfeer (bijv. een te dikke spits en een chagrijnige keeper) niet betreedt, legt genadeloos z’n eigen amateurisme bloot. Dat dit ook nog en plein public gebeurt (voorbeeldfunctie), maakt het des te sneuer. Enige troost voor Maaskant: hij is niet de enige in z’n metier die zich hier schuldig aan maakt.

3) Serdar is een held
Als jongste debutant ooit in de Eredivisie (24 jaar), als jongste international uit Nederland (26 jaar) en als scheidsrechter van het jaar (2012) is Serdar Gözübüyük een uniek talent in z’n vaak bekritiseerde vakgebied. Hij grijpt z’n status als rolmodel bovendien aan om op scholen een maatschappelijke boodschap uit te dragen. Dit alles presteert hij in een tijd die zich niet laat omschrijven als allochtoonvriendelijk, wat dubbel spreekt voor de van origine Turkse Haarlemmer. In een scheidsrechterskorps zonder enig profiel, durft hij zich zich tenslotte helder en op persoonlijke titel uit te spreken voor iets dat hij belangrijk vindt en waar hij voor wil blijven staan. Serdar Gözübüyük is een getalenteerd en betrokken scheidsrechter met persoonlijkheid. Hij is daarmee een inspirerend voorbeeld voor ons allemaal.

KRAKAU ALLESBEHALVE IN DE BAN VAN ORANJE

Uw scribent bezocht onlangs het evenzo pittoreske als historisch beladen Krakau. Of zoals de Polen zelf zeggen en schrijven, Kraków. Mocht u het zijn vergeten, vanuit Krakau moest Bertus van Marwijks, naar later bleek laatste, missie worden volbracht. Voor Oranje een letterlijke uitvalsbasis, voor de Italianen en de Engelsen de uitgangsbasis voor een langer verblijf in het toernooi. Nieuwsgierig en lekker gemaakt door de lyrische berichten van het journaille over deze in de Tweede Wereldoorlog wonderbaarlijk overeind gebleven stad, landden we na amper 1,5 uur vliegen op Poolse bodem. Op hetzelfde vliegveld waar onze jongens aankwamen en vertrokken voor hun groepswedstrijden in Charkov Oekraïne en daarna linea recta thuisbasis.

Wat is er deze charmante stad bijgebleven van de ongetwijfeld nadrukkelijke aanwezigheid van het Oranje-legioen? Welke onuitwisbare indruk hebben ‘we’ daar achtergelaten? Navraag leert dat ‘we’ daar nou niet bepaald geschiedenis hebben geschreven. De verwachte en verhoopte hoerastemming bleef uit en dat nog niet eens zozeer vanwege de uiterst povere prestaties van Oranje. Alarmerende berichten over supportersrellen dempten de animo voor het terrasbezoek, dus het consumptiegebruik. Onze vedetten bleken bovendien onbenaderbaar voor de lokale bevolking. En als Robin en Ibi al langs de regenpijp zijn gegleden om een homobar in de Krakause ‘onderwereld’ te bezoeken, dan zijn de sporen daarvan volledig uitgewist. Net als die van de homobar trouwens.

Dat Krakau niet als speelstad is verkozen, heeft de overlevering ook geen goed gedaan. Het trainerschap van Robert Maaskant bij Wisla Kraków evenmin. Als we tenminste hotelboy Rafael mogen geloven in zijn bepaald niet engelachtige kritiek op de wel heel erg voormalige kroonprins van het Hollandse trainersgilde. Die in Groningen zichzelf alsmaar verder onttroont. Maar de grootste boosdoener is toch de onverlaat die zich in Krakau tooide met een Oranje-shirt waarop stond: “As finishing touch, God created the Dutch”. Even afgezien van de volkomen misplaatste arrogantie – want niet alleen Aad de Mos bestaat niet – is vloeken in de kerk een zegen vergeleken met deze actie. In een stad waar meer kerken zijn dan woningen! Waar de inwoners roomser zijn dan de paus! Die ook nog eens in de stenen gedaante van Johannes Paulus II om elke hoek komt kijken. Nee, ik denk niet dat mijn informant Rafael is vernoemd naar de man die Hamburger SV weer moet opstuwen in de vaart der volkeren. Bovendien, Hamburg is geen Krakau. Bij lange na niet.

VERBALE VIRUS INFECTEERT EREDIVISIETRAINERS

Anti-clichématig als Voetblah pretendeert te zijn, zouden we garen moeten spinnen bij de overmatige loslippigheid van menige Eredivisie-trainer voor de camera’s van NOS en Eredivisie Live. Ronald Koeman, Gertjan Verbeek, Marco van Basten en Frank de Boer hebben alle vier al de noodzaak gevoeld om respectievelijk een aantal spelers (Cissé, Immers en Clasie), een individu (Reijnen), het bestuur of het gehele team en plein public aan te spreken op nalatigheid in hun functioneren. En dan laten we Robert Maaskant maar even buiten beschouwing; een poging tot een serieuze analyse waarin deze één van de variabelen vertegenwoordigt, is sowieso nutteloos.

Het lijkt me sterk dat dergelijke directe, emotionele uitingen het gewenste effect sorteren. Neem het voorbeeld van Koeman: elk initiatief dat Clasie als aanvoerder vanaf nu zal nemen om zijn teamgenoten in het gareel te houden, zal overkomen als aangemeten gedrag. Een goede trainer neemt zijn aanvoerder na de wedstrijd apart, fluistert ‘m in dat het penaltylijstje de volgende keer gewoon leidend is en zorgt er zo voor dat z’n aanvoerder geen gezichtsverlies lijdt naar het team dat hij in het veld onder zijn hoede heeft.

Naast de gerede twijfel die bestaat over de uitwerking van dergelijke, mediagenieke – want in dat opzicht driftig scorend – spierballentaal, is het ook gewoon heel erg lelijk. Het komt schreeuwerig over. Daardoor verraadt het eerder onrust en onmacht dan dat het getuigt van controle en eensgezindheid. Het zou goed zijn als trainers beseffen dat openheid en eerlijkheid door de liefhebber gewaardeerd wordt, maar de spelers, het team en de club er niet bij gebaat zijn als dat doorslaat in een strijd tussen trainers om de stevigste oneliners. En dat dan ook nog niet eens jegens elkaar, maar richting hun eigen mensen nota bene. Maar wie kaatst, kan de spierbal terug verwachten.

– De man aan de schandpaal stond op ons te wachten op www.dreamstime.com

– De term spierballentaal zetten we kracht bij middels een plaatje van dé website voor ontwikkelde vrouwen: www.forum.viva.nl

ZIGGE ZAGGE RBC ZONG IEDEREEN MEEJ

Vindt u het ook zo erg van RBC? Och, natuurlijk niet. Behalve zo’n 220 Voltage-supporters is er niemand echt rouwig om dat de bestaansgrond (anders dan bij PSV?) onder de Roosendaal Boys Combinatie dreigt weg te vallen. Want veel kleurlozer bestaat niet. De Oranje-outfit ten spijt. Zelfs de titel Het andere Oranje‘ moesten ze aan Volendam laten. Toch is dat wel ooit anders geweest. Met bijvoorbeeld mannetjesputters als wijlen TheoDe TankLaseroms, Henkie Vos, natuurlijk Pi-Air en oer-RBC’er Gerrie Voets. Deze prachtige voetbalnaam presteerde het om in zijn nadagen vlakbij huis nog buitenlands voetbal te spelen bij RKVV Rimboe in de Wouwse Plantage. En wat te denken van de legionairs Ali El Khattabi, Tomasz ‘Shining’ Iwan, Pius Ikedia en bikkel José FORTes Rodrigues?!

De ongekroonde prins onder de RBC-trainers is natuurlijk Robert Maaskant. Liefst 3x moest deze geposeerde yupcoach op komen draven in West-Brabant. En loodste het kluppie tot 2 keer toe de Eredivisie in. Maar verder hield de trainerskwaliteit met het kaliber Jan Poortvliet, Ruud Kaiser, Dolf Roks en Rini Coolen gelijke tred met het bescheiden clubniveau. Zelfs zwart geldschandalen zijn niet in de clubannalen terug te vinden. En dat is toch opmerkelijk voor een West-Brabantse club. In Waalwijk hebben ze tenminste met slechts één lettertje verschil bewezen dat dit een uitgelezen kans is om publiciteit te genereren. Maar daar staat de R dan ook voor Rooms.

Nee, slechts om één reden valt het te betreuren dat RBC het landelijke voetbalpodium verlaat en wel vanwege het werkelijk geniale clublied. Dat zijn weerga, althans Mazuro niet kent. Op z’n onvervalst (West)Brabants! “Eél de wèreld magget ‘ore, ik zijn voor RBC, ‘k dacht da gij wa zeej. Dus blaos ik ‘óóg van de tillevizietore, en iedereen zingt meej“. Vur hul de schonne tekst zie hieronder. Zodoende mag Ziggezagge‘ RBC het nog wel wat langer uitzingen.