Tagarchief: Tom Egbers

BARTHOLOMEW OGBECHE IS GEEN STEVE MOKONE

cardoso

Afgelopen week presenteerde Cambuur een nieuwe aanvalsleider. De Nigeriaan Bartholomew Ogbeche zette in 2001 bij Paris St. Germain zijn eerste stappen op de Europese velden. De spits die bij Xerez CD op een zijspoor raakte, grijpt nu in Leeuwarden z’n kans en was direct bepalend in de Friese derby. Eén goal, één assist, geen slechte cijfers voor een speler die de afgelopen tien jaar vooral veel onderweg was van club naar club. Voor Studio Sport-anchorman Tom Egbers kwam de komst van Ogbeche niettemin als een donderslag bij heldere hemel. Real Valladolid, Alavés en Middlesbrough; het CV van Ogbeche was in Hilversum kennelijk niet ter tafel gekomen en dus repte Toms autocue over een ‘tropische verrassing’ van wie ‘in het paspoort staat dat ie 29 jaar oud is.’

MokoneVoetbalquizmastersToegegeven, als er iemand is die over tropische verrassingen mag praten, dan is het wel Tom Egbers. Als auteur van ‘De Zwarte Meteoor’ mag Egbers zich de biograaf noemen van de voetballer bij wie de kwalificatie ‘tropische verrassing’ misschien wel het beste past. Steve Mokone was een van de eerste zwarte profvoetballers in de Nederlandse competitie en was bij Heracles Almelo om uiteenlopende redenen een attractie. Een voetballer uit Johannesburg die in Almelo uitgroeit tot doelpuntenmachine en later zelfs tot één van de beste voetballers in Europa. Dat mag je in 1957 met recht een ‘tropische verrassing’ noemen.

Zestig jaar later doet Bartholomew Ogbeche in Leeuwarden wat Steve Mokone in 1957 al deed. Scoren in zijn debuutwedstrijd. In een voetbalwereld die misschien wel zo aan elkaar hangt van clichés dat zij zelf tot een cliché is verworden, is het niet verrassend dat ook Ogbeche gereduceerd wordt tot een karikatuur van een voetballer van Afrikaanse komaf. De NOS staat daarin uiteraard niet alleen. Als er dan toch een label moet worden geplakt op Ogbeche, dan past het in 2014 beter de Nigeriaan, na dienstverbanden in onder meer Griekenland, Spanje en de Emiraten, als ‘wereldburger’ door het leven te laten gaan. Bartholomew Ogbeche is geen ‘Zwarte Meteoor’. Daar is Steve Mokone simpelweg te goed voor.

– De foto van Steve ‘De Zwarte Meteoor’ Mokone komt van Voetbalquizmasters.nl

TWITTEREN MET LOUIS

abrahamsDat WK in Brazilië, het kan me niet snel genoeg beginnen. Onze bondscoach, toch niet vies van een prijsje links of rechts, heeft het zo gepland dat zijn meesterwerk dáár gaat plaatsvinden. Louis van Gaal die op het allerhoogste voetbalpodium mag gaan coachen, dat is een kind dat op de avond van 5 december staat te trappelen om het grootste cadeau uit te pakken. Het kan niet anders, dat wordt een zomer met prachtig theater. Alleen al de landing van het Nederlands Elftal in Rio, daar kan ik uren mee vooruit. Onder aan de vliegtuigtrap is het immense beeld zichtbaar, het Christusbeeld dat op een heuvel uitkijkt over de stad. Van Gaal grijpt naar zijn binnenzak en verstuurt een tweet naar zijn volgers: Sta #IkLouis toch maar mooi op een heuvel hier in #Rio#TotaleMens

vanGaal-334x440Ik wil er geen moment van missen, dat WK in 2014. Thuis, met een opgewarmde prak op schoot, houden Jack van Gelder en de jongens van VI me dagelijks op de hoogte van de ontwikkelingen in het Oranjekamp. Arjen Robben die voor de openingswedstrijd zijn kleine teen stoot tegen de ontbijttafel, waardoor zijn wraak op Casillas op de tocht komt te staan en Jean-Paul Boëtius die zich langzaam onttrekt aan het groepsproces en al na vijf dagen rept van heimwee, daar kan ik geen genoeg van krijgen. Het commentaar van René van der Gijp vanuit zijn suite in het Kurhaus: “Dat gelóóf je toch niet, Johan!?”
Na een dof gelijkspel tegen Spanje volgt in de tweede groepswedstrijd de uitglijder tegen Australië. Ik verlang nu al naar het interview van Tom Egbers met de bondscoach: “1-2 verlies, Louis. Dat moet een mokerslag zijn.”
“Oh, dus als Australië na twee fouten van Veltman een doelpunt scoort, vindt meneer dat een mokerslag. Nou, dat zijn jouw woorden. Dit ís geen dreun. Wat hier is gebeurd, heb ik precies voorspeld. Australië is een hele lastige tegenstander. Dat heb ik gisteren op de persconferentie al uitgelegd.”
“Het laatste groepsduel tegen Chili moet nu gewonnen worden, Louis.”
“Dat vind ik een suggestieve opmerking. Ik zou zoiets niet zeggen. Maar als jij het zo wilt stellen, prima. We hebben tegen Chili gewoon drie punten nodig.”
Om het thuisfront te sussen vinden we het volgende bericht op Twitter: #MijnSpelers zullen zich #opofferen tegen #Chili. #WK14 #MediaMinMin

Maar het meest verheug ik me op de terugkomst van Oranje in Nederland. Na de kansloze missie tegen de Chilenen hangt de Boeing boven de Vinkeveense Plassen, wachtend op de landing. Vanuit het vliegtuig is het al te zien: Nederland is weer overgegaan tot de orde van de dag. Alle Wuppies liggen in de kliko, het oranje is uit de etalages gehaald en Gijp heeft het Kurhaus verlaten. “Zo’n Janmaat op het WK. Dat kán toch niet, Wilfred!?”
Als zelfs Hans Kraay jr. niet de moeite heeft genomen om de bondscoach op te wachten aan het einde van gate 2, grijpt Van Gaal zijn smartphone. Terwijl in zijn rug Strootman, Van Persie en al die anderen stilletjes huiswaarts keren en in Brazilië de Argentijnen, de Spanjaarden en de Duitsers doordenderen naar de kwartfinales, sluit Louis met een laatste Twitterbericht zijn WK-droom af:
@Truusje Ik kom eraan, trek het sprei maar vast terug. #lepeltjelepeltje

– de cartoon is afkomstig van http://www.studio-artjan.nl

VOETBALLEGENDES BESTAAN NIET

Taalpuristen zijn echte spitsen. Als sluipschutters loeren ze op argeloze interpunctieverkrachters, d/t-marcheerders en spatie-schooiers. Klaar om hun betweterigheid af te vuren met een dedain waar zelfs Harry Mulisch jaloers op zou zijn geweest.  Een doorgewinterde taalpurist ontstijgt echter de opvallende fouten en wijst graag op woorden die in de volksmond structureel verkeerd gebruikt worden.  Seksistisch, criticaster en lankmoedig. Dat soort werk. Voor deze spellingnazi’s, de hufters die ongevoelig zijn voor het “maar we begrijpen elkaar toch”-argument,  heb ik goed nieuws. Het woord legende wordt vaker fout dan goed gebruikt.

In tegenstelling tot wat het alledaagse taalgebruik doet vermoeden, zijn legendes net zo zeldzaam als die supergeile Venusovergang van vorige week. Voetballegendes zijn dus nog schaarser dan Stijn. Volgens Wikipedia is een legende oorspronkelijk “een alternatieve levensbeschrijving van een heilige met toegevoegde fictieve elementen, waarin aan de betreffende persoon allerlei wonderen toegedicht worden”. Met enige fantasie zouden we de bewierookte sporters een heiligenstatus kunnen toedichten. En de Ieren hebben met St. Ledger een beschermheilige van de gezelligheid in de gelederen.

Dat ‘heilige’ kan nog wel, maar de fictieve elementen ontbreken bij de zogenaamde voetballegendes. Abe Lenstra won in zijn eentje van Ajax, Maradona liep om Engelsen heen alsof het zoutpilaren waren en Pelé was gewoonweg magistraal. Dat zijn feiten, geen fictieve elementen. Maar we beschouwen het wel als wonderen. Naast de uitmuntende voetballers is er nog een andere categorie ‘legendes’. Steve Mokone, Humphrey Mijnals, Dries Boussatta en Aziz Doufikar. Voetballers die eeuwig op de kaart staan doordat ze de eerste neger, Surinamer of Marokkaan waren in het Nederlandse voetbal(elftal). Geen onaardige prestaties, maar feitelijk klopt het.

Stel dat Steve Mokone eigenlijk in Weerselo als Harry Olde Ruttink ter wereld was gekomen. En dat de Weerseloërs Harry dermate vervelend vonden dat ze hem excommuniceerden naar de Limburgse mijnen, alwaar hij dagelijks in elkaar werd gebeukt door onverstaanbare vlaaifluimen. Na een verhuizing naar Malden werd hij beschimpt door de plaatselijke jeugd die, ondanks het venijnige krabben, het kolenzwart niet van Harry’s gelaat kreeg.  Gekrenkt en gehard door deze ervaringen was Harry vastberaden om het te maken als ‘profvoetballer’. Zo geschiedde. En passant werd hij ook de eerste succesvolle neger met een Twents accent. Als Tom Egbers ons hiervan had kunnen overtuigen dan hadden we een echte legende gehad.  Alhoewel, het Nederlandse voetbal kent al een legende. René van Rijswijk. Deze olijke staartmans wordt altijd opgevoerd als de spits die nooit scoorde. In werkelijkheid vond hij 31 keer het net in 314 wedstrijden. Toegegeven:  dat is een slechter gemiddelde dan het benzineverbruik van de Toyota Prius in de vierde versnelling, maar daarom is hij niet minder dan ’s lands enige voetballegende.

DANKZIJ DE BELGISCHE TOM EGBERS

Het gebeurt niet elke week dat ik op een zondagavond de Belgische versie van NOS Studio Sport Eredivisie bekijk. En het zal ook wel weer een zekere periode duren, wil ik me daar nog eens aan wagen. In Nederland klagen we weliswaar vaak over het gebrek aan journalistieke en verhalende kwaliteit van onze live-verslaggevers, commentatoren en analisten, ik kan u verzekeren dat goed commentaar en houtsnijdende analyses met een humoristische noot over allerbelabberdst voetbal ook niet zaligmakend is.

De Belgische Tom Egbers van dienst toverde alleen op het einde van de uitzending, speciaal voor ons Ollanders, nog wel een opbeurende uitsmijter uit zijn achterzak. Na vertoon van enkele beelden van de Eredivisie, gevolgd door de stand van zaken, kwam hij tot de volgende conclusie: “Aah, dus ook zonder play-offs kan het ongemeen spannend zijn”. En hoewel wij gelukkig al enige tijd zijn teruggekomen van de idee dat play-offs de aantrekkelijkheid van onze competitie ten goede komt, is het dit keer ook wel een heel eigenaardig seizoen.

En voor mij spelen de grootste eigenaardigheden zich niet eens in de top van onze competitie af. Pak even de stand erbij en kijk waar je Jan Wouters’ FC Utrecht terugvindt. De 15e plek.. Slechts twee punten boven de degradatiestreep. Hetzelfde FC Utrecht dat dit seizoen twee keer van Ajax wist te winnen, thuis onlangs AZ nog met 3-0 klop gaf en Feyenoord twee keer op een gelijkspel hield. Nu is dat laatste niet per se een bijzondere prestatie, maar dit jaar toch noemenswaardig.

Waar al die ongebruikelijke uitslagen vandaan komen? Het is de structureel matige kwaliteit, die zóveel verwarring schopt. Daardoor matcht de spelopvatting waarmee trainers hun spelers nu het veld in sturen – nog steeds vanuit de kwaliteitsopvatting  van weleer – zó slecht met de huidige werkelijkheid van de wedstrijd, dat na de aftrap echt alles mogelijk is. Maar de amusementswaarde vaart er wel bij. Lang leve dus het gebrek aan realiteitszin!

Ps 1. Tom Egbers op z’n best is afkomstig van www.waatp.nl
Ps 2. Jan Wouters hebben we afgestoft uit het archief van het ANP, www.anp-archief.nl

ALS OOK CAMERABEELDEN GEEN SOELAAS MEER BIEDEN…


Zondagavond, kwart voor acht. Ik luister naar Ed Janssen tijdens de nabeschouwing van De Graafschap – Heerenveen. Ed krijgt de kans zijn excuses aan te bieden voor zijn, volgens Ron, dramatische beslissing. Kan gebeuren, een verkeerde beslissing. Want Ed is ook maar een mens en heeft niet de beelden tot zijn beschikking om een juiste beslissing te maken. Ed moet in een fractie van een seconde handelen. En ja, dat kan weleens mis gaan. Maar wat blijkt. Ed houdt voet bij stuk. Na het zien van de beelden blijft hij volhouden dat de rode kaart van Janmaat terecht is.

En dus hebben we een probleem. Want dan snappen wij (of zij) de regels niet. Ik vermoed wij, want zij zijn toch professioneel scheidsrechter? Dat vraagt om een verdieping. Als ik een ding geleerd heb in 5 jaar (jaja..) studie psychologie is het dat de reactie van mensen een actie definieert. Bijvoorbeeld: Blom geeft Strootman een rode kaart (actie). Vier PSV-ers kijken direct vol ongeloof naar de rode prent (reactie). Conclusie: foutieve beslissing. Een ander voorbeeld: Nijhuis geeft Esteban een rode kaart (actie); 50.000 man snappen de beslissing niet (reactie). Conclusie: foutieve beslissing, of in dit geval, de regel klopt niet. Een betere test kun je niet hebben. Met andere woorden, de reactie van mensen zegt (tot op zekere hoogte) iets over de juistheid van de beslissing.

In het geval Janmaat precies hetzelfde. Is een reactie op een beslissing zo heftig, dan kun je niet meer varen op je expertise als scheidsrechter. Zwart-wit gesteld: dat jij de regels beter kent. Voetballers weten namelijk in de meeste gevallen echt wel of de rode kaart terecht is. Toegegeven, de speler die de rode kaart krijgt, wil nog weleens verongelijkt doen. Maar wanneer een heel team zich meldt bij de scheids, moet je je toch gaan afvragen of je wel de juiste beslissing hebt genomen. Daarnaast vraag ik me af of Ed ooit gevoetbald heeft. Want dan weet je namelijk dat je weleens te laat kan komen zonder dat je moedwillig een overtreding begaat.

In dat kader viel voor mij Jan Mulder ook definitief door de mand. Zondagavond hield Jan een pleidooi voor de rode kaart van Janssen. “De verruwing van het voetbal, Tom, is reeds jaaarenlang gaande. En wij zijn daar allen schuldig aan. Dit was diep rood en moet hard gestraft worden, Tom.” Ik kan me niet voorstellen dat de voetballer Mulder nooit te laat kwam. Dat hij nooit een sliding inzette en dat de bal nét werd weggetikt, waardoor hij zijn tegenstander raakte. En zijn toenmalige collega’s konden er, naar verluidt, helemáál iets van! Jan komt op voor recht, maar kiest het verkeerde gevecht. En Ed? Die heeft ervoor gezorgd dat zelfs camerabeelden geen soelaas meer bieden..

foto Blom/Strootman komt van twentefans.nl
De jonge voetballer Jan Mulder komt van gahetna.nl